Na de begrafenis van mijn beste maat, J — geboren op 26 maart 1983, gestorven op 13 juni 2006 — kwam ik in een periode terecht waarin alles fout leek te lopen. Het was geen gewone moeilijke tijd, maar een fase waarin ik mezelf volledig kwijt was. Een periode waarin zelfs de kleinste dingen te zwaar werden.
In die tijd heb ik M nog een paar keer gezien.
Ze had interesse om een appartement te huren in mijn huis. Alles leek op dat moment vrij normaal: zij zocht iets, ik had iets beschikbaar. Maar achter die façade zat chaos. Uiteindelijk moest ik alles verkopen. Het appartement verdween… en daarmee ook die kans.
M heeft nadien nog weken geprobeerd mij te bereiken.
Niet alleen zij, ook andere mensen probeerden contact te krijgen.
Maar ik nam niet op.
Niet omdat ik niet wou… maar omdat ik het gewoon niet aankon.

Zonder ruzie, zonder duidelijke reden, zonder afsluiting… verdween het contact tussen ons volledig. En hoewel het voor de buitenwereld misschien gewoon iets kleins leek, bleef het bij mij hangen. Jarenlang.

Bijna twintig jaar.
Op 28 maart 2026 veranderde dat plots.
Ik was in Café De Nieuwe Bareel, een plek waar ik haar totaal niet verwachtte. Een café waar vooral jong volk komt, een plek die niets te maken had met de herinneringen die ik met haar had.
Toen ik binnenkwam, zag ik haar niet meteen als M.
Het enige wat mij opviel, was een vrouw.
De mooiste vrouw die ik ooit had gezien.
Zij herkende mij wel.
Ik haar nog niet.
Ze sprak mij aan, en toen wist ik het terug, het was M.

De dag nadien stuurde ik een bericht naar één van mijn beste vriendinnen en een van de beste vriendinnen van M. Ik vertelde haar dat ik M was tegengekomen.
Haar reactie was simpel, maar bleef hangen:
dat M één van de liefste mensen is die ze kent.
En ergens wist ik dat zelf ook.

Enkele weken later, op 24 april 2026, was ik opnieuw in den Bareel.
Ik ging even naar buiten, en in een flits zag ik opnieuw een vrouw. Mooi. Opvallend. Bekend.
Ik twijfelde even, maar stuurde toch een bericht.
En ja… het was M.

Die avond had ik al veel te veel gedronken. Misschien te veel om alles helder te zien, maar net genoeg om dingen uit te spreken die al jaren vastzaten.
Toen ik terug binnen ging, heb ik haar aangesproken. We hebben gepraat, en zoals ik steeds doe: een selfie genomen.

Maar het belangrijkste moment kwam daarna.
Ik heb mij verontschuldigd.
Voor het verleden.
Voor het verdwijnen.
Voor het niet opnemen van die telefoon.
Voor alles.
En haar reactie?
Ze was dat al lang vergeten.

Dat moment gaf mij iets waar ik al jaren naar op zoek was: opluchting.
Twintig jaar had ik dat met mij meegedragen. Twintig jaar had ik gedacht dat ik iets had kapotgemaakt. En plots bleek dat het voor haar geen gewicht meer had.

Vanaf dat moment kon ik het verleden eindelijk laten rusten.
Maar tegelijk begon er iets nieuws.

De dagen nadien bleef M in mijn gedachten zitten. Niet even, maar constant. Ze is voor mij nog steeds de perfectie van een vrouw: knap, lief, warm… iemand waarbij alles gewoon goed voelt.

En ja, ze heeft twee kinderen.
Maar vreemd genoeg maakt dat voor mij niets uit. Er zijn maar twee vrouwen in mijn leven geweest waarbij dat nooit een probleem was: E… en nu M.
Bij alle anderen voelde het anders.

Toch blijft er één vraag hangen:
Waarom nu pas?
Ik ken haar al zo lang. Waarom zag ik het vroeger niet?
Misschien omdat ze altijd te perfect leek. Omdat ze zo lief is, dat ik mij altijd te min voelde.

En eerlijk… dat gevoel is er nog steeds.
Maar het verschil is dat anderen het nu ook zien.
Mensen rondom mij zeggen het gewoon: dat zij bij mij past.

Zelfs A, die mij nog maar een klein jaar kent maar ondertussen alles weet, zei het zonder twijfel:
“Ze past goed bij jou.”

En dat doet mij nadenken.
Voor het eerst in lange tijd kijk ik niet meer alleen naar het verleden, maar ook naar wat nog kan komen.

Geen groot leeftijdsverschil.
Geen totaal verschillende levens.
Maar iemand die begrijpt.
Iemand die hetzelfde heeft meegemaakt.
Iemand die nog altijd graag leeft.

Misschien is dat het.
Misschien moet ik het gewoon proberen.
Misschien… moet ik haar eens vragen om af te spreken.